Ik wil fietsen door de regen

Hoewel ik eerst dacht ‘maar hoe dan?!’ en ‘het is vast maar voor even’ heb ik na een week of 12 het grote thuiswerken ondertussen aardig onder de knie. Vanaf een comfortabele werkplek, inclusief katten naast/op het toetsenbord, houd ik met tools als Slack, Zoom en Whatsapp contact met collega’s en onze klanten. Meer heb ik toch niet nodig om mijn werk goed te kunnen doen?

Thuiswerken brengt een hoop gemak met zich mee.
Als het ’s ochtends regent hoef ik er niet op de fiets doorheen.
Ik hoef maar een trap áf, in plaats van vier trappen óp om op mijn werkplek te komen.
Hier thuis kan ik dan aanschuiven met ongeföhnde haren en in mijn joggingsbroek.
De wekker mag wat later.
De temperatuur in de woonkamer is precies goed.
Als de zon schijnt lunch ik in alle rust in de tuin.
Geen reistijd en iedereen schenkt zijn eigen koffie in.
De avond is langer.

Het is ook stiller thuis. Hier hoor ik alleen wat kinderen buiten spelen en af en toe wat klusgeluiden bij de buren. Das Buro is gevestigd in een jaren ’50 pand aan de Witte de Withstraat. In het centrum van Rotterdam tussen horeca, cultuur en shops. Tegenover het oogziekenhuis, boven een Mexicaans restaurant, om de hoek van de brandweerkazerne. Met uitzicht over een kruispunt waar niemand stopt voor haaientanden maar toetert, de dakloze schreeuwer zonder kijken oversteekt en toeristen op zoek zijn naar de Witte Aap of de Erasmusbrug. En de verleiding van het altijd volle en zonnige terras van Reijngoud. Daar op de hoek van de Witte de Withstraat en de Schiedamse Vest is altijd wat gaande.

Tijdens een werkdag thuis zijn er minder afleidingen dan op een dag bij Das Buro. Thuis zijn het enkel de katten, of bij anderen de kinderen, die zorgen voor afleiding van het werk. Bij Das Buro zijn het postbodes, klusjesmannen, klanten en leveranciers. Tafeldekken, prints ophalen of even snel overleggen.

En vooral de Collega’s. Collega’s die willen kletsen over het weekend of sport of huisdieren. Die de hele dag door slechte woordgrappen maken, door je telefoongesprekken heen praten, kerstmuziek draaien in de lente of er elk moment een spoiler van Wie is de Mol uit kunnen flappen. Ze zijn soms chagrijnig of voelen zich niet zo lekker, ze komen te laat binnen of gaan juist te vroeg weg. Of ze zijn jarig en nemen taart mee.

En toch, ik mis het allemaal, niet alleen de taart.
Ik mis het kantoor waar het altijd te koud of te warm is.
Ik mis die woordgrappen tijdens de lunch.
Ook de uiteenlopende muzieksmaken, het plezier van mooie dingen maken en het gedreven ondernemerschap om me heen.
Net als de kletspraatjes en de Netflix- tips.
Ik mis de toeristen en de gekkies in de Witte de Withstraat.
Ik mis op maandagochtend de restanten van een weekend met te veel drank op de stoep.
Ik mis het brood van Bas Bakt.
En ik mis het fietsen door de regen naar afspraken met al die lieve mensen van het Luxor Theater, Operadagen Rotterdam, Ketel 1, De Kunsthal. Wat fijn dat sommige langzaam weer open kunnen.

Het is nooit echt stil bij Das Buro, en dat is heerlijk. Praktisch gezien zijn een comfortabele werkplek en een goede wifi-verbinding alles wat ik nodig heb om mijn werk goed te kunnen doen.

Maar zonder al dat andere is het wel een beetje minder awesome.